Home
Index
Baarlo Heerlijkheid
Baarlo na 1794
Baarlo kerk
Kessel Heerlijkheid
Kessel  na 1794
Kessel  kerk
Land en Ambt Kessel
Overkwartier v.Gelre
Hist.  documenten
Contactformulier

701

HET LAND VAN KESSEL OMVATTE DE NAVOLGENDE 20 DORPEN:

Venray Sevenum Helden Kessel Bree Blerick Swolgen Broekhuysenvorst Baerlo Wanssum Horst Gribbenvorst Lottum Broeckhuysen Blitterswijck Merlo Thinray Oerloe Geisteren Oeyen

702

TROEPEN TIJDENS SPAANSE SUCCESIE OORLOG                                                                                                                                                             
                                                                                                                                                                                                                                             
Tijdens de Spaanse successieoorlog (1702-1713) moesten de Engelse en Deense troepen van proviand voor de paarden worden voorzien. Voor de levering hiervan diende de Ambtman van het Amt Kessel zorg te dragen.

Extract uuijt de resolutie van de Hoog Mogende Heeren Raaden van Staaten der Verenigde Nederlanden.
Donderdag den 6 Meij 1706

Sijn geexhibeert de marshroutes welcke de Engelsche ende Deensche regimenten sullen houden in het marcheren na het leger, mitsgaders de uuijtrekening van fouragie, stroo, piquetten en brand, welcke deselve sullen van nooden hebben voor soo veel se sullen passeren over den bodem van den staat waer op gedelibereert  sijnde is is oinder anderen goedt gevonden en verstaan dat geordonneert sal worden, gelijk geordonneert wordt bij dese aan de amptman van het ampt van Kessel den 13e meij deser maand te doen besorghen ten behoeve van d’ Engelsche trouppen treckende na het leger in het campement bij Blitterswijck 8400 rations hoij, 13000 bossen stroij, 3500 piquetten en 100 karren brandthoudt: item den 14 ende is dito in het campement bij Venloe   voor de Engelsche 16800 rations hoij, 13000 bossen stroij, 3500 piquetten en 200 karren brandhout, aols oock nog voor de Deense trouppen 4000 rations hoij, 2500 bossen stroij, 900 piquetten en 34 karren brandhout: ende den 16 ende 17 meede mij voor de Deensche trouppen 7000 rations hoij, 3000 bossen stroij, 1500 piquetten en 40 karren brandthoudt. Sullende daernevens aengescreven worden aan genoemde amptman dat de meening is dat de Engelsche en Deensche officieren en gemeene ruiters en soldaaten sullen teeren voor haar geldt en soo omtrent de betaaling als omtrent alle andere poincten sullen achtervolghen het reglement 2 april 1704 op het stuck van doortochten: en vorder extract deeses gesonden worden aan Majoor Coehoorn  van Houwerda als commissaris tot het geleijden van militie door het Overkwartier van Gelderlandt om te strercken tot desselfs naregting Een de was ondertekent Crochoer
Leger stondt accordeert met het register en was oock ondertekent S. van Slingerlandt aldus
bij mij H.J. Schenck

hoij                        totaal     36200
stroij                     totaal     31500
piquetten              totaal      9400
brandhout             totaal        374 (karren)


RHCl 16.111/2 huis Kessel
© H. Brueren  november 2006


703
TRACTAAT VAN DE PEEL  1716

Bij het tractaat van de Peel werd i n 1716 na de Spaanse successieoorlog de grens vastgesteld in de Peel tussen de Meierei van s' Hertogenbosch en het ambt Kessel


Tractaet wegens den Peel in het Ambte Kessel tusschen Syne Konincklijcke Majt. in Preussen etc: en haer Hoog-Mogende de Heeren Staaten Generael der vereenighde Nederlanden

Conventie ofte Overeencomste gemaeckt tusschen Syne Majt. den Coninck van Preussen van den eenen kandt, ende haer Hoog-Mog: de Heeren Staaten Generael der Vereenighde Nederlanden van de anderen kant, over het Subject van de questieuse Limiten in den Peel ghelegen tusschen het Ambte Kessel in 't Over-quartier van Gelderlandt , ende de Majerye van s' Herthogenbosch

Zij kennelijck aen alle en een ieder soo tegenwoordighe als toecommende / dat by-naer zedert een Eeuwe geleden / geweest hebbende groote twisten ende tweedraghten tusschen de Inwoonderen van het Ambte Kessel , van den eenen kant / ende die van de Majerye van s'Hertogenbosch van den anderen kant / over het Subject van de Limiten / die ieder Partie pretendeerde in het Moerasch genaemt den Peel. Sijne Majt. den Coninck van Preussen als Souverain van het boven-ghemelte Ambte Kessel , ende haer Hoogh Mogende de heeren Staaten Generael der Vereenigde Nederlanden in qualiteyt als Souverainen van de Majerye van s'Hertogenbosch , begeerende te eyndighen dese dispuyten ende verouderde strydigheden / die soude connen veroorsaecken seer groote inconvenientien ende ongelucken / ende willende in plaetse van die doen succederen eene goede intelligentie ende harmonie / hebben goetgevonden Commissarisen te noemen soo van den eenen / als oock van den anderen kant / om op plaetsen te examineren ofte ondersoecken de Limiten / die ieder Partie voor de syne reclameerde / mitsgaeders de redenen ende de documenten van den eenen ende van den anderen kant / om te convenieren ofte over een te commen onder Ratificatie / soo het moghelijck waere / van de waere Limiten van het Ambte Kessel , ende van die van de Majerye van s'Hertogenbosch in den voorsch:  Peel.
Waercomme sijne Majt. den Coninck van Preussen hebbende ghenoemt den Heere wilhelm frederich duncker synen Hoffraedt / ende Raedt van de finantien van het Landt van Cleve / ende den Heer frederich otto de saint paul, Raedt van het Commissariaet van het Landt van Cleve :
Ende haer Hoogh-Mogende hebbende van s'ghelijcken ghenoemt den heere daniel l'estevenon Oudt-Borgemeester ende Raedsheer van de Stadt Goude / Gedeputeerden ter Vergaderinge vande Staaten Generael der vereenighde Nederlanden voor de Staaten van Hollant ende Westvrieslant / en de Heere adriaen velters Ordinaris Gedeputeerde voor de Staaten vande Provintie va [sic] Zeelant ter Vergaderinghe van de Staaten Generael / uyt craghte van voor gebroghte Volmaghten / de welcke sijnde vergadert in den maendt Augustus lestleden op de questieuse Limiten / ende daer van enighe dagen langh hebbende genomen inspectie / sonder alsdoen dese saecke geheelijck te hebben connen eyndighen / soo by faute van een [onleesbaar] acte ofte pertimente Caerte van den Peel , als oock om dat de noodige documenten aen de Partyen manqueerden / sijn overeen-gecomen door een provisioneel Accoordt vanden 15. Augustus lestleden / om de leste handt daer aen te leggen. Daeromme hebbende de Conferentien hervat ende vernieuwt in de Stadt Venlo, ende aldaer hebbende ondersoght ende geexamineert de voorgebroghte documenten van de eenen ende van den anderen kant / mitsgaders de nieuwe Caerte figurative gemaeckt door de daertoe vercosene Ingenieurs ofte Landtmeters / ende door beydersijts Partyen voor goet erkent / is over een gecommen / ende sijn vastgestelt onder Approbatie ende Ratificatie dese volgende Artikelen / te weten :

I.

Dat op gelijcke costen sal gestelt worden eene groote Steen ofte Pael in't midden van de linie tusschen Springelbeek / ende de Loeff / getrocken sijnde op de nieuwe Caerte figurative / ghemaeckt door ordre van de voornoemde Commissarissen / welcke Steen ofte Pael sal dienen tot een altijt duerende Punckt / alwaer het Landt van Gelder moet eyndigen met het Landt van Brabandt / ende sal genoemt worden Vreedepaal.

II.

Van desen Paal ofte Steen alsoo ghestelt sijnde / in egaele distantie van de Loeff ende Springelbeeck , sal ghetrocken ofte gemaeckt worden een Graghte in rechte linie tot op de plaetse ofte punct in de nieuwe Caerte geteeckent / Langeryser , van welcke de helfte sal gemaecjkt worden door die van Baeckel ende Consorten / ende de andere helfte door die van Venray.

III.

Van 't voorschreven punct de Langeryser sal getrocken ofte gemaeckte worden een Graghte in rechte linie tot eene groote steene Paal / die sal gestelt worden op gelijcke costen van Deursen ende van Venray , op de Grootenbergh / dertigh roeden van 't uyterste punct van de voornoemde Grootenbergh / te rekenen van den kant van Deursen van de letter A. naar de letter B. ofte naer de Capelle / gelijck men dat geteeckent vint onder op de groote Caerte figuerative : op welcken Paal sal gesneden ofte gegraveert worde op den eenen kant geldria , ende op den anderen kant brabantia , ende den voornoemde Grootenbergh sal niet doorgraeven ofte doorsneden worden / maer sal in syn geheel blyven.

IV.

Van den voornoemden Paal op Grootenbergh sal ghemaeckt worden een andere Graghte tot op [onleesbaar, maar waarschijnlijk: de -JP] plaetse geteeckent Vossehollen , op het punckt daer den Steen is weg gehaelt in 't Jaer 1713. Welcke twee Graghten sullen gemaeckt worden de helfte door die van Venray , ende de helfte door die van Deursen.

V.

Ende van de Vossehollen , alwaer eenen anderen steenen Paal sal gestelt worden op gelijcke costen / sal gemaeckt worden een Graghte in rechte linie tusschen de twee Brunne Meeren , alwaer men vindt op de voors. nieuwe Caerte de letter F. ende van daer op de dwers linie tusschen Volckmeer ende de letter Q. op die plaetse waer men vindt geteeckent op de voornoemde Caerte de letter R. ende alwaer van s'gelijcken op gelijcke costen sal gestelt worden eenen steenen Paal ghenaemt Eyndepaal / welcke sal wesen het leste punct van Brabandt naer het Landt van Gelder , welcke Graghte sal gemaeckt worden de helfte door die van Deursen ende Liessel , ende de helfte door die van Horst, Sevenum &c.

VI.

De Linien ende Graghten alsoo getrocken ende gegraven / sullen voor altijt aengesien ende gehouden worden voor de waerachtige Limiten in den Peel tusschen sijne Majt. den Coninck van Preussen / ende tusschen haer Hoog-Mog: ten aensien van 't Overquartier van Gelderlandt gecedeert aen den Coninck van Preussen / ende de Majerye van s'Hertogenbosch toebehoorende aen de Staaten Generael der Vereenighde Nederlanden / sonder oyt te connen gealtereert nochte verandert worden door de Ondersaeten van den eenen nochte van den anderen kant / op wat pretert het soude mogen wensen.

VII.

Men sal de Graghten beginnen te graven toecommende Lenten / soo haest als het saisoen ofte het weder sulx sal toelaeten / ten langhsten te beginnen met den Maendt Maij toecommende / om die te voltrecken soo haest als 't mogelijck sal wesen.

VIII.

Dat de Ingenieurs van den eenen ende van den anderen kant de plaetsen op den grondt sullen teeckenen / waer de Paalen ofte Steenen sullen gestelt worden / volgens de designatie hiervoorens geteeckent / ende dat sy oock de Linien op den grondt sullen trecken / langhs de welcke de Graghten sullen moeten ghegraven worden / welcke Grachten sullen moeten thien voeten breedt wesen / ende ten minsten vier voeten diep.

IX.

De Graghten voltrocken sijnde / sullen gevisiteert ende geexamineert worden door de Ingenieurs in presentie van de Commissarisen / die van den eenen ende van den anderen kant daer toe sullen benoemt worden / om te sien ofte die oock gemaeckt sijn in rechte linie volgens het hier voorens staande Plan / ende soo bevonden wordt dat den eenen ofte den anderê daer aen gemanqueert heeft / sal de faute gerepareert worden op costen van de Partye / die gemanqueert sal hebben. Ende dat ten minsten van drie Jaeren tot drie Jaeren de voornoemde Graghten sullen gevisiteert worden door de Schepenen van die Plaetsen / die van den eenen ende anderen kant het naeste daer aen gelegen sijn / de welcke sullen sorge dragen / dat die wel worden onderhouden door de Geinteresseerdens van weerkanten.

X.

Dat de geheelen Peel ofte Grondt aen de oversijde van de voornoemde Linien ofte Graghten naer Deursen sal erkent worden door Brabandt , ende alle het geene aen dese zyde is / voor het Landt van Gelder , toebehoorende aen sijne Majt. den Coninck van Preussen / ende dat alsoo de Onderdaenen ofte Inwoonderen van den eenen ende van den anderen kant niet sullen moghen passeeren eenighe van de voornoemde Graghten ofte Lmien [sic.] om te commen Torf steecken / Vlaggen houwen / Beesten weyden / Byen-korven setten / ofte eenigh ander acte van Eygendom / ofte Jurisdictie exerceren / op wat pretert het soude mogen wesen.

XI.

Dat soo iemandt van den eenen ofte anderen kant dit comt te overtreden / die sal gestraft worden volgens de Wetten door die van de Plaetse / daar het Attentaet sal bedreven sijn / welcke Straffe ofte Amende niet minder sal mogen wesen / als thien pattacons.

XII.

De tegenwoordighe Conventie ofte Overeencomste / sal geapprobeert en geratificeert worden in den tijt van twee Maenden / ofte soo haest / als't mogelijck is. In waerer Oirconde hebben voornoemde Commissarisen dese tegenwoordighe Acte onderteeckent / ende met haere Segels becraghtight tot Venlo den 20. November 1716. Ende was onderteeckent

W.F. DUNCKER      D. LESTEVENON    F.O. SAINT PAUL      A. VELTERS

Ratificatie van Syne Conincklijcke Majt. in Preussen


Wir Friderich Wilhelm von Gottes Gnaden Kônig in Preussen / Marggraff zu Brandenburgh / des Keyl: Rômischen Reichs Ertzcammerer und Churfurst / Souverainer Printz von Oranien / Neufchatel und Vallengin / zu Magdenburg / Cleve / Gulich / Berge / Stettin / Pommern / der Cassuben und Wenden / zu Mecklenburg / auch in Schlesien / zu Crossen Hertzog : Burggraff zu Nurnberg : Furst zu Halberstadt / Minden / Cammin / Wenden / Schwerin / Ratzeburgh / und Môers : Graff zu Hohenzollern / Ruppin / der Marck / Ravensbergh / Hohnstein / Tecklenburgh / Lingen / Schwerin / Buhren / und Lehrdam / Marquis zu der Vehre / und Vlissingen : Herr / zu Ravenstein / der Lande Rostock / Stargard / Lauenburg / [onleesbaar] / Arlay / und Breda etc.
Bekennen hiermit : Alsoo sedert veele Jaeren tusschen de Ingesetenen van den Ambte Kessel in ons deel van 't Oberquartier van Gelderlandt / ende die Ingesetenen van de Majerye van s'Hertogenbosch in den soo genoemden Peel groote strydigheden gesweeft hebbê / over de Limiten / ende die selve dickwils uytgebroken sijn / tot groote wederweerdigheden / ende Wy dan goetgevonden hebben / beneffens haer Hoogh-Mog: die Heeren Staaten Generael als Souverainen van de boven-gemelte Majerye / tot voorkomminghe van alle ongelucken / die daer uyt voorders te besorgen stonden / ende tot stifftinghe van eene goede naburelijcke vriendtschap tusschen beyderzijdts Onderdaenen / dese strydigheden door seeckere Commissarisen te ondersoecken / ende te handelen / om eenen goeden Accoordt op te richten. Wy oock van onsen kant daer toe allergenaedighst benoemt ende bevolmachtight hebben onse Hoff / Cammer / ende Commissariaets Raeden wilhelm friderich duncker , ende friderich otto de saint paul , ende dese daer op sich vervoeght hebbende met die daer toe benoemde Commissarisen van haer Hoogh-Mogende / ende met de selve eenen vasten Vergelijck ofte Accoordt sub date venlo , den 20. november lestleden / onder onse Ratificatie op-gericht ende gesloten / den welcken van woort tot woort alsoo luyt :

Sequuntur verba Tractatûs


Ende Wy van sulcken Accordt naer rijpe overweginghe geapprobeert ; Als willen Wy den selven hiermit ende crachte deses in alle Puncten / Clausulen / ende Artikelen / allergenaedighst geconfirmeert / ende geratificeert hebben / alsoo Wy dan van hiermit verspreecken / dat Wy den selven altijt nauw naercommen / oock daer op letten willen / dat sulcx geschieden magh van onse Geldersche Onderdaenen : In Oirconde hebben Wy dese eygenhandigh onderteeckent / ende met onsen Conincklijcken Segel doen becrachtighen. Gegeven tot Berlin den 4. Decemebr 1716. Ende was onderteeckent

F. Wilhelm

Allergenaedighste Ratificatie van de Accoordt wegens de strydigheden over de Limiten in 't geldersche, opgericht tusschen de Commissarisen van Syne Conincklijcke Majt. ende die van de Staaten Generael

M. L. von Printzen

Ratificatie van de Heeren Staate Generael der Vereenighde Nederlanden


De Staaten Generael der vereenighde Nederlanden aen alle die geene die dese tegenwoordige Breiven sullen sien / Salut : hebbende gesien ende geexamineert de Conventie ofte Overeencomste gemaeckt tusschen sijne Majt. den coninck van Preussen van den eenen kant / ende Ons van den anderen kant / over het Subject van de twistighe Limiten in den Peel / gelegen tusschen het ambte van Kessel in't Overquartier van Gelderlandt ende de Majerye van s'Hertogenbosch geteeckent door de Commissarisen van den eenen ende den anderen kant tot Venlo den 20. November 1716. van welcke den inhoudt is als volgt :

Sequuntur verba Tractatûs


Wy hebben geaggreert / geapporbeert / ende geratificeert de voornoemde Conventie ofte Overeencomste / gelijck als Wy de selve aggreeren / approberen / ende ratificeren mits desen / belovende sincerelijck ende oprechtelijck de selve te onderhouden / observeren / ende executeren in alle en ieder sijne Artikelen.
In Oirconde hebben Wy dese tegenwoordighe doen [onleesbaar] onsen ordinarsten Segel / ende door den president van onse Vergaderinghe laeten teeckenen / ende door onsen Greffier onderteeckenen in s'Gravenhaghe den 15. December 1716. Ende was geteeckent

W. van der Does

Door ordinatie van de voornoemde heeren Staaten Generael geteeckent

F. Fagel


Alle het bovenstaande is met de Origineelen gecollationeert / ende is bevonden daer mede t'accorderen / het welck hier mit geattesteert wort / Gelder den 24 Februarij 1717 Ende was onderteeckent

E.L. Fridericks
Königlicher Preussischer Secretarius und Archivarius

 

Bron: RHCL 16.1111/2 fam. Kessel 
Zie foto bij Hist. Documenten

704 (zie foto)

Verdeling lasten in het Land van Kessel

De verdeling van de lasten in het tijdperk van 1692 - 1792 tussen de dorpen in het Land van  Kessel geschiedde op basis van 100 gulden.

Op de foto geplaatst onder Historische documenten kunt u de exacte verdeling per dorp zien.

RHCL 01.029 nr. 3102

(C) H. Brueren

 

 

 

 

 

archiefvaria