ARCHIEFVARIA                            Archiefvondsten Overkwartier van Gelre
 


705

Rampzalige toestand rond 1720

In het algemeen was het een zeer slechte  tijd, veel mislukte oogsten door het weer, zo ook in Oijen. De pachters konden de pacht niet opbrengen.

Zo werden door de leenheren  beslag gelegd op goederen, voor het geval dat de pachten niet konden worden betaald. Iedere mogelijkheid werd aangegrepen om een beslag te leggen, ook bij iedere overtreding.

Op die manier hebben we een inzicht gekregen in de "gemiddelde" inboedel van de huizen. Het was een en al armoede. Diverse boerderijen lagen leeg of konden met de grootste moeite worden verpacht.

Onderstaand een beslaglegging op diverse paarden met geladen karren.

“ Op heden den 4e september 1721 hebbe ick onderschrven gerichtsbode ter instantie van den Heere Baron d’ Olne gearresteert het peert ende karre met steen gelaeden van Jacob Berben, ende karre van item het peert, Peeter Vossel, item het peert ende kerre van Merten Gerardts, item het peert en karre van Guert Guariut, item het peerdt ende karre van Thijs inden Boom, ende die in beweaersaeme handt genomen omdat sij gejufrugeert  hebben het erff vande Hoogwelgeboren Heere ende deselve geutreert on ten naesten voor recht compareren, ende te aen hooren den eijsch ende conclusie die den heer Baron d’ Olne tegens hunne alsdan sal willen doen en nemen".